Zoeken
  • Askin Alci

Wanneer moet u een creditnota opmaken?

Een onderneming heeft gefactureerd aan een vennootschap die daarna vereffend wordt. Ze vraagt de btw op de factuur terug, maar de controleur weigert de teruggave, omdat er aan de klant geen ‘verbeterend stuk’ gestuurd was. Wat vond de rechter daarvan op 08.06.2021 en wat moet u daarvan onthouden?



Wat was er gebeurd?

Wat had de onderneming gedaan? Die had een factuur opgemaakt aan een vennootschap die

kort daarna vereffend werd. Omdat de vereffening zgn. deficitair was en de vordering verloren

gegaan was, vroeg de onderneming de btw dan ook terug.


Wat had de btw--controleur gedaan? De btw-controleur stelde vast dat de onderneming geen

‘verbeterend stuk’ opgemaakt had en uitgereikt had aan de klant. Hij weigerde daarom de

teruggave.


Wat vond de eerste rechter? Die gaf de onderneming gelijk. Volgens hem stond vast dat de

vordering definitief verloren gegaan was en het verbeterend stuk louter een formaliteit van

controle technische aard is, die geen afbreuk doet aan teruggave. Ook aanvaardt de Btw dat er

geen stuk opgemaakt moet worden zo de klant failliet is (aanschrijving nr. 26, 31.08.1978) . Volgens de rechter kan een deficitaire vereffening met een faillissement gelijkgesteld worden (rb. Brugge, 03.03.2020) .


Wat van onthouden?

Teruggave btw. Heeft u een vordering op een klant die om welke reden dan ook geheel of ten dele verloren gegaan is, bv. omdat de klant failliet gegaan is, deficitair vereffend is, enz., dan kunt u de btw op die vordering tot beloop van het passend bedrag terugvragen (art. 77, §1, 7° W. Btw) . Uw boekhouder doet dat door het desbetreffende bedrag van de btw in te vullen in rooster 62 van uw btw-aangifte.


Let op! Verlies van de schuldvordering moet zeker zijn. Inschrijving van de gehele of gedeeltelijke schuldvordering op een rekening ‘Provisie voor dubieuze debiteuren’, is op zich niet voldoende om de echtheid van het verlies te bewijzen.


Verbeterend stuk is verplicht. De klant heeft normaal gezien de btw die u aangerekend heeft in aftrek gebracht. Krijgt u nu de btw terug, dan moet de klant dus de in aftrek gebrachte btw terugstorten. Daarom moet u hem een ‘verbeterend stuk’ sturen, wat de officiële naam is voor een creditnota. De klant moet die creditnota verwerken in zijn btw-aangifte om de btw terug te betalen.


Vermeldingen. De creditnota moet verwijzen naar de oorspronkelijke factuur. Ze moet ook het bedrag van de terug te geven btw, alsook “btw terug te storten aan de staat in de mate waarin ze oorspronkelijk in aftrek gebracht werd” vermelden.


Let op 1! U moet ook een register bijhouden van alle creditnota’s die u uitschrijft, met de vermelding van een volgnummer, de datum, de aanduiding van de klant en het terug te geven bedrag. U moet die op verzoek van uw controleur kunnen voorleggen, zo niet kunt u een boete krijgen. Dat is het zgn. teruggaafregister.


Let op 2! Als de klant achteraf uiteindelijk zijn factuur toch nog volledig of gedeeltelijk betaalt,

moet u de btw in de mate dat u die teruggekregen heeft opnieuw aan de staat storten.


Betaalt een klant zijn factuur niet, dan kunt u de btw terugvragen via uw btw-aangifte. U moet dan wel een creditnota, officieel ‘een verbeterend stuk’, opmaken, aan de klant bezorgen en opnemen in een register. Volgens de meeste rechters is het verbeterend stuk geen loutere formaliteit en kan de Btw bij gebrek eraan teruggave weigeren.


Bron: Tips & Advies - Jaargang 28 - Nr 02 - 05/11/2021

75 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven